Teksten ter bemoediging 17 – 21 maart

Zaterdag 21 maart 3e week van de 40 dagen tijd

Hosea 6, 1-6; “God heeft ons verscheurd, Hij zal ons ook genezen; Hij heeft wonden geslagen, Hij zal ze ook verbinden.”

In het boekje ‘Jaar van het woord’, uitgegeven door de Katholieke Bijbelstichting wordt deze tekst uit Hosea aangereikt. Als toelichting wordt geschreven: ‘Deze uitspraak van de profeet verwoordt een inzicht dat het volk krijgt als het tot inkeer en bekering komt. Het volk realiseert zich dat alle heil alleen van God komt. Wie zich weer tot Hem keert, zal genezing vinden. Wie God liefheeft, zal in het licht wandelen. Wees vroom, schrijft Hosea ons: houd van God.’

Wat mij nieuwsgierig maakt is dat het volk inzicht krijgt doordat het tot inkeer en bekering komt. Tot inkeer komen is tot bezinning komen. Ze gaan de zin van iets inzien dat ze hebben meegemaakt.

Omkeren

Bekeren betekent letterlijk omkeren. Eerst ging je de ene kant op, nu de andere kant op. Het woord bekeren gebruiken wij in godsdiensten als je toekeren naar God. In dit vers uit Hosea wordt het ook als zodanig bedoeld. Ze maken een keuze om voor Gods liefde te kiezen. Ze beseffen dat alleen door God lief te hebben ze in het licht zullen wandelen.
Het verwondert mij altijd weer hoe oude teksten ons iets zeggen over de tijd waarin wij nu leven.

Dat merk ik als ik op de scholen Bijbelverhalen vertel aan kinderen (Godly Play). Hoe jong de kinderen ook zijn, het verhaal vertelt ze iets over henzelf. Er gebeurt iets tijdens zo’n verhaal. Lang niet altijd lukt het ze om woorden te geven. Vaak wordt er gezegd “ik vind dat belangrijk of mooi omdat het zo voelt.”

Voelen

Misschien is dat ook wel genoeg en hoef je niet aan alles een waarom te verbinden. Misschien zijn we door alles wat we denken maakbaar te kunnen maken, ook wel (te)ver weg geraakt van het ‘voelen’ en ‘vertrouwen’ dat God ons in het licht laat wandelen. Weinig kinderen groeien nog op met God als een vanzelfsprekendheid in het leven. En toch wordt er vaak iets ervaren. Ze leren alleen niet om het God te noemen.

Wie helpt ze nog tot inkeer en inzicht te komen? Wat wordt ze nog aangereikt aan het rijke pallet van verhalen, rituelen en beleving?

Tot inkeer en inzicht komen: deze tijd waarin we als sociale wezens gedwongen worden te accepteren dat we ‘gekooid’ worden. Dat er onzekerheid is, dat we heel veel niet in de hand hebben. We voelen ons verscheurd, wie zal ons genezen?

Toekomst

Artsen, virologen en wetenschappers: onze hoop is op hen gevestigd om ziekten te voorkomen en mensen die ziek zijn een kans op toekomst te geven. Maar ik hoop dat mensen net zoals in de schoolklas, ook wat van God mogen ervaren in deze tijd en onzekerheid.

Nood leert bidden, is een spreekwoord dat mijn oma vaak gebruikte. Ik denk dat de nood nu hoog is!
Ik wil afsluiten met het gebed dat bij deze dag in het genoemde boekje wordt geschreven:

God, het enige dat U van ons verlangt, is liefde.
Liefde waarmee wij onszelf aan u en aan de naaste geven.
U weet hoe moeizaam dat vaak is.
U weet hoe vaak wij ons opsluiten in onszelf en afkeren
van anderen.
Wees in uw goedheid ons genadig en houd ons hart brandend.
Dat uw liefde in ons veel vrucht brengt.
Amen.

Mariska Litjes

 

20 maart, vrijdag in de derde week van de Veertigdagentijd

In de lezing uit het Evangelie volgens Marcus lezen wij vandaag dat Jezus als volgt antwoord op de vraag van de Schriftgeleerde wat het eerste gebod is: ‘Het eerste is: Hoor, Israël! De Heer onze God is de enige Heer. Gij zult de Heer uw God beminnen met geheel uw hart, geheel uw ziel, geheel uw verstand en geheel uw kracht. Het tweede is dit: Gij zult uw naaste beminnen als uzelf. Er is geen ander gebod voornamer dan deze twee’. (Marcus 12, 29-31)

Mooie woorden komen naar ons toe in deze dagen waarin ons hart wellicht bedrukt is, angstig en onzeker over de gezondheid situatie van onszelf en onze naasten. Het land is ziek, de wereld is ziek, alles staat op zijn kop. Daar lijden het meest de oudere en kwetsbare medemensen aan.

Eenzaamheid wordt een nog groter probleem, alles is gesloten, mensen zijn geïsoleerd en worden teruggeworpen op zichzelf. Gelukkig ontstaan veel initiatieven om mensen nabij te zijn, om te helpen, te troosten en te laten zien dat ze niet vergeten zijn.
We kunnen elkaar niet meer ontmoeten in de viering in de kerk, we moeten elkaar geen hand meer geven, er valt veel weg in deze tijd. Ontmoeting moeten wij op een andere nieuwe manier uitvinden met elkaar. Door een kaartje, via een telefoon gesprek een whatsapp sturen of in gedachten en in gebed weten dat we met elkaar in Christus verbonden zijn.
Door het gemis aan de zondagse viering beseffen we nu waarschijnlijk extra hoe belangrijk dit is voor ons als geloofsgemeenschap. En dan klinken de woorden van het dubbelgebod, ‘God liefhebben en je naaste als jezelf’. Daar komt het nu op aan, vanuit de liefde die God voor ons allen heeft, beantwoorden wij die liefde door God lief te hebben in onze naaste.
Deze crisis kan lang duren, het is een beproeving waar we met elkaar beter uit kunnen komen.

Verbonden

We vieren via internet, zijn zo verbonden met elkaar. Ook met Pasen zal het zo zijn. We vieren en bidden thuis verbonden met elkaar om God te eren en lief te hebben en onze naaste als onszelf, onze naaste dichtbij en onze naaste ver weg. Er is echter grote onzekerheid, dit hebben wij nog nooit zo meegemaakt en we weten niet hoe lang dit kan duren.

De nachtwaker vraagt: ‘Hoe lang duurt de nacht nog?’ We leven momenteel in de nacht van de onzekerheid en de angst. Dat is de nacht van mensen in het verpleegtehuis, de nacht van mensen die ziek zijn en van hen die werken in de zorg. Kunnen we de zorg nog wel aan, hoeveel zieken kunnen er nog verpleegd worden op de intensive care?

Er is ook de nacht van mensen in de vluchtelingen kampen, op Lesbos en in Libië, waar mensen vast zitten, met veel te veel in te kleine ruimtes met slechte voorzieningen, er is de nacht van de mensen van de straat, die geen huis hebben om te schuilen, en zo zijn er nog veel meer mensen die de nacht ervaren.

Niet bang zijn

Maar de morgen zal komen! De beproeving zal leiden tot geduld en dat is een beproefde deugd waarmee we onze ziel zuiveren en laten groeien. Geduld geeft meer weerstand.
De waarde van concrete liefde kunnen wij in deze tijd opnieuw en anders ontdekken, de liefde die bevrijdt, door een woord dat wij lezen in de Schrift, door de arme en kwetsbare medemensen die hier een beroep op doen. God zal voor ons zorgen. Laten wij niet bang zijn.

Vanmorgen klonk op veel radiostations ‘You’ll never walk alone’. Kippenvel om dit zo te horen en te weten dat in heel Europa mensen dit horen, weten dat wij verbonden zijn met elkaar op weg zijn als broeders en zusters. Deze verbondenheid genereert zoveel mooie dingen, als wij maar voorbij de angst, in liefde voor elkaar, uitkijken naar het licht van de morgen, naar de Lente die vandaag ook is aangebroken.

Vogels zingen

We zien het om ons heen, in de bloemen die bloeien en de bomen die uitbotten, we
horen het aan de vogels die dwars door de corona angst heen zingen van een nieuwe toekomst, nieuw leven, van een Pasen voor ons allen.
In de veertigdagentijd, de voorbereiding op Pasen, worden wij opgeroepen tot concrete daden van naastenliefde, laten wij daarom bidden:

Trouwe God,
geef ons de wijsheid en de kracht om met elkaar een weg te vinden naar het Licht,
naar de morgen die komen zal.
Help ons niet in onze angst te verdrinken, maar ons hart open te houden voor U God en voor onze naaste, om lief te hebben.

Geef troost en kracht aan de mensen die ziek zijn, die eenzaam zijn, die zich buitengesloten voelen en angstig zijn.

Geef kracht en uithoudingsvermogen aan de mensen die zich inzetten in de zorg voor anderen.
Laat ons delen met elkaar van de producten die we kopen in de supermarkt, bevrijdt ons van de angst tekort te komen.

Geef vrede in onze harten. Maak ons een liefdevol cordon van mensen die als één groep immuniteit opbouwen om de kwetsbaren onder ons te beschermen. Help ons daarbij God,
dat vragen wij in naam van uw Zoon, onze Heer en Broeder, Jezus de Christus, amen.

Ronald Dashorst

Hier staan de teksten ter bemoediging van 17, 18 en 19 maart

 

 

Feest van de Heilige Jozef – 19 maart

Op het feest van de heilige Jozef lezen we uit Matt. 1.16.18-21.24a
We zitten midden in de veertigdagentijd, het lijden en sterven van Jezus wordt deze dagen extra in herinnering geroepen. De hele liturgie is er op afgestemd. En dan vandaag op het feest van Heilige Jozef las ik tijdens het ochtendgebed het kerstverhaal, beschreven door Matteüs. Dit feest doorbreekt, ook al is het maar voor een dag, de opgang naar Pasen die gaat door lijden en dood.

Hoop en vertrouwen

Ik vind het een mooie gedachte dat juist wanneer het lijden en de dood steeds meer nadruk krijgt er toch ook even momenten zijn om over het lijden en de dood heen te kijken. Het verhaal van de geboorte van een kind geeft altijd hoop en vertrouwen. Dezelfde hoop en vertrouwen die de kerken gisteravond hebben laten horen door de klokken te luiden. Het Coronavirus trekt alle aandacht en zorgt voor veel ellende, voor veel lijden en dood.

En ook de beperkingen die door het coronavirus zijn opgelegd, hoe zinvol en begrijpelijk ook, het zorgt voor veel extra eenzaamheid voor mensen die afhankelijk zijn van bezoek. Het zijn zorgelijke tijden.
Maar het is ook goed om door de zorg en de ellende heen het goede en het mooie te blijven zien, die ook in deze wereld gebeurd. In de zorg die mensen voor elkaar hebben in deze moeilijke tijden. En daarmee een vertrouwen laten zien, dat hoe donker de nacht ook is, het ook weer licht gaat worden. En als gelovige mensen mogen we ook het vertrouwen houden dat God ons zal blijven zien.

Niet bezorgd

Vandaag viert de kerk het feest van de Heilige Jozef, de pleegvader van Jezus. Ik denk dat Jezus vast en zeker over Jozef heeft gesproken, misschien niet zo direct, maar toen Jezus sprak; ‘Maak je niet bezorgd over wat je zult eten, of wat je zult drinken en ook niet over wat je zult aantrekken. Kijk eens naar de vogels in de lucht, ze zaaien niet en maaien niet, maar je hemelse Vader voedt ze. En kijk eens naar de leliën op het veld, hoe mooi ze zijn, zo mooi ging Salomo niet gekleed in al zijn pracht.

Maar jullie zijn toch veel meer waard dan vogels en leliën’. Hierin klinkt een vertrouwen door. Dat God je niet los laat, dat Hij er voor je is. Hoe de weg ook loopt. God trekt met je mee. Zo heeft Jozef in vertrouwen kunnen leven en is hij de moeilijke momenten in zijn leven te boven gekomen. Zo heeft hij het geroddel van mensen over zijn zwangere vrouw kunnen doorstaan, heeft hij de ellende van de volkstelling, door de keizer uitgeroepen, kunnen verdragen. En is hij het gevaar van de jaloerse koning Herodes voor kunnen blijven.

Mag Jozef zo een voorbeeld van geloof en vertrouwen zijn in moeilijke tijden en een voorspreker voor ons allen bij Jezus zelf.

Gebed
God, U die het leven doorgeeft in generaties van mensen,
U roept ook ons op om rechtvaardig uw weg te gaan.
Beziel ons met uw Geest die hoop en vertrouwen schenkt, zoals eens ook aan Jozef.
En laat uw liefde over ons stralen door alle moeilijkheden heen van ziekte eenzaamheid pijn en dood, opdat wij zoals Jozef elkaar tot zegen zijn voor allen die wij ontmoeten omwille van Jezus die met U en de Heilige Geest leeft in de eeuwen der eeuwen.

Amen.

pastoor Hans Hermens

 

woensdag 18 maart

Het leesrooster van de RKKerk reikt ons vandaag deze lezing uit Matteüs (5, 17-19) aan:
“Denk niet dat Ik gekomen ben om Wet en Profeten op te heffen; Ik ben niet gekomen om op te heffen, maar om de vervulling te brengen. Want voorwaar, Ik zeg u: Eerder nog zullen hemel en aarde vergaan, dan dat één jota of haaltje vergaat uit de Wet, voordat alles geschied is. Wie dus een van de voorschriften, zelfs het geringste, opheft en zo de mensen leert, zal de geringste geacht worden in het Rijk der hemelen, maar wie ze onderhoudt en leert zal groot geacht worden in het Rijk der hemelen.”

Vandaag veel media berichten over de maatregelen tegen het coronavirus en stand van zaken van de gevolgen, lijkt deze tekst van Matteüs heel ver weg, alsof het niets met ons te maken heeft.
Toch wil ik zoeken of de boodschap ook nu voor ons van betekenis kan zijn.
Ik was deze dagen onder de indruk van het verhaal dat de NOS naar buiten bracht over het gezin dat bij de eerste dertig mensen hoorde die in Nederland besmet waren met het coronavirus. Na twee weken in thuisisolatie mochten ze begin deze week voor het eerst naar buiten. Ze zijn inmiddels klachtenvrij.

Tijdens vakantie in Noord-Italië zijn drie van vier gezinsleden besmet geraakt met het coronavirus. De klachten bleven beperkt tot hoesten, keelpijn en korte tijd koorts. Van de GGD moesten ze binnen blijven. Dat het gezin in thuisisolatie zat, bleef in de buurt niet onopgemerkt. Een vriendin van de vrouw deed de boodschappen en de mensen uit de straat hingen elke dag een tas aan de deur met daarin een tijdschrift, iets te kleuren voor de kinderen of iets lekkers.

Hartverwarmend

Voor het gezin waren de reacties in veel gevallen hartverwarmend, al waren er ook mensen die langsliepen en wat angstig naar binnen keken. Het kiepraam bij de keuken speelde bij dit gezin, zeiden ze, een belangrijke rol om de thuisisolatie draaglijk te maken. Ze deden het raam een stukje open en zo konden ze even kort contact hebben met mensen uit de buurt of vriendjes van de kinderen. Dat heeft hun er wel doorheen geholpen, vertelden ze aan de NOS-journalist. Ze blijven zich aan de maatregelen houden ondanks dat ze genezen zijn, maar ze hopen nu terug te kunnen doen, wat andere mensen in de afgelopen periode voor hen hebben gedaan.

Wat bedoelt Jezus als Hij zegt dat Hij gekomen is om Wet en Profeten te vervullen? Volgens de joodse traditie heeft God zich geopenbaard in de schepping en in de manier waarop Hij met zijn volk in de loop van de geschiedenis is omgegaan. Dat alles werd neergeschreven in wat de joden de ‘Thora’ noemen, en wat voor ons de eerste vijf boeken van het Oude/Eerste Testament zijn. Het auteurschap van die vijf boeken wordt aan Mozes toegeschreven, de grootste profeet die de joodse traditie kent.

Aanwijzing

Dat Hebreeuwse woord ‘Thora’ wordt gewoonlijk vertaald door ‘de Wet’. In onze oren
heeft ‘wet’ een juridische klank: spelregels waaraan iedereen zich te houden heeft op straffe van. Die juridische dimensie zit niet in het oorspronkelijke woord ‘Thora’. We kunnen dus beter spreken van ‘richtsnoer’, van ‘aanwijzing’: in de verhalen over de schepping en over de manier waarop God en zijn volk destijds in goede en kwade dagen met elkaar omgingen, vindt de gelovige Jood aanwijzingen hoe God wenst dat mensen nu met God en met hun medemensen omgaan.

Profeten waren religieuze voormannen die in latere eeuwen de Thora interpreteerden en aan het joodse volk duidelijk maakten hoe het te leven had om God welgevallig te zijn. Ze leverden ook kritiek op wie zomaar zijn eigen gangetje ging. In de loop van de geschiedenis zijn toespraken van bepaalde profeten – Jesaja, Jeremia, Amos, Sefanja bijvoorbeeld – te boek gesteld. Een aantal daarvan zijn bewaard gebleven en werden ook opgenomen in ons Oude/Eerste Testament.
Profetische geschriften zijn in de joodse traditie dus een nadere toelichting, een eigentijdse actualisering van de ‘Thora’.

Wanneer Jezus dus zegt dat Hij niet gekomen is om Wet en Profeten af te schaffen, dan geeft Hij daarmee te kennen dat Hij trouw is aan de joodse traditie, aan zijn eigen religieus verleden, aan het geloof van de voorvaderen. Hij onderschrijft ‘Wet en Profeten’; tot de laatste komma (v.18) en komt die vervullen. Wat betekent dat laatste?
Voor Hem is ware gerechtigheid: ten volle aan het licht brengen van wat de Thora en de
profetische geschriften beogen: harmonie tussen de mens en God, en tussen mensen onderling.

Bevrijden

‘Harmonie’ is meer dan ‘zich houden aan de spelregels’. Het betekent ook: je hart op de juiste plaats dragen, mensvriendelijke en godvriendelijke ingesteldheid.
“Ik ben niet gekomen om Wet en Profeten af te breken maar om ze te vervullen.” Jezus komt Gods plan met de mens – in ere herstellen. Hij wil mensen bevrijden uit het karkas van het legalisme, de schijn van heiligheid doorprikken, aangeven hoe we de wereld mensvriendelijker, leefbaarder, warmer kunnen maken. Hem maken zoals God hem heeft gedroomd. Wie zich inzet om Gods droom waar te maken is een heilig mens. Heiligheid heeft alles met mensvriendelijkheid, leefbaarheid en warmte te maken.

Die warmte en mensvriendelijkheid door hun buren heeft ook bovengenoemd gezin beleefd die met het coronavirus besmet geraakt was. Die warmte en mensvriendelijkheid willen zij ook doorgeven.
Ieder die de weg van Jezus volgt kan en is gevraagd de warmte en mensvriendelijkheid te delen. Voor ons in de parochie een kans om voor ieder voor wie we er op en of andere manier kunnen zijn in deze coronatijd om dat daadwerkelijk te doen.

Gebed
Barmhartige en eeuwige God,
medemensen houden van ons,
geloven in ons,
vertrouwen ons.
Dat geloof, die hoop en die liefde
openen voor ons de weg naar een ontmoeting met U.
In die medemensen herkennen we immers uw gelaat.
We hopen en bidden
dat we in deze tijd van coronavirus U steeds mogen herkennen
in de mensen die in nood zijn,
en dat Gij ook herkenbaar zijt in ons,
in onze gemeenschap, in uw Kerk,
dat vragen wij U in Jezus naam.
Amen.

Ivan Kantoci

 

dinsdag 17 maart

Het leesrooster van de RKKerk reikt ons vandaag deze lezing uit Matteüs (18, 21-35) aan:
“Daarop kwam Petrus bij Jezus staan en vroeg: ‘Heer, als mijn broeder of zuster tegen mij zondigt, hoe vaak moet ik dan vergeving schenken? Tot zevenmaal toe?’ Jezus antwoordde: ‘Niet tot zevenmaal toe, zeg ik je, maar tot zeventig maal zeven. Daarom is het met het koninkrijk van de hemel als met een koning die rekenschap wilde vragen van zijn dienaren. Toen hij daarmee begonnen was, bracht men iemand bij hem die hem tienduizend talent schuldig was. Omdat hij niets kon terugbetalen, gaf zijn heer bevel dat de man samen met zijn vrouw en kinderen en alles wat hij bezat verkocht moest worden, zodat de schuld kon worden ingelost. Toen wierp de dienaar zich aan de voeten van zijn heer en smeekte hem: “Heb geduld met mij, ik zal u alles terugbetalen.” Zijn heer kreeg medelijden, hij liet hem vrij en schold hem de geleende som kwijt.

Toen deze dienaar naar buiten ging, trof hij daar een van de andere dienaren, die hem honderd denarie schuldig was. Hij nam hem in een wurggreep en beet hem toe: “Betaal me alles wat je me schuldig bent!” Toen wierp deze zich voor hem neer en smeekte hem: “Heb geduld met mij, ik zal je betalen.” Maar hij wilde daar niet van weten, integendeel, hij liet hem gevangenzetten tot hij de hele schuld zou hebben afbetaald. Toen de andere dienaren begrepen wat er gebeurd was, waren ze zeer ontdaan, en gingen ze naar hun heer om hem alles te vertellen. Daarop liet zijn heer hem bij zich roepen en hij zei tegen hem: “Je bent een slechte dienaar. Heel die schuld heb ik je kwijtgescholden, omdat je me erom smeekte. Dan had jij toch zeker ook medelijden moeten hebben met die andere dienaar, zoals ik medelijden heb gehad met jou?”

En zijn heer was zo kwaad dat hij hem in handen van de gerechtsbeulen gaf tot hij de hele schuld zou hebben terugbetaald. Zo zal mijn hemelse Vader ook ieder van jullie behandelen die zijn broeder of zuster niet van harte vergeeft.’”

Spanning

We leven in een aparte tijd. Dat roept een bijzondere spanning op, in onszelf, maar ook in de manier waarop we met andere mensen omgaan. Wat ons precies rond het corona-virus boven ons hoofd hangt, dat weten we niet. Kunnen we de deur nog wel uit? wat kunnen we wel en niet doen?
We lopen allemaal met vragen rond en dat roept allerlei gedachten en emoties op. Ook heeft het invloed op de manier waarop wij met elkaar omgaan. Het kan irritatie oproepen, omdat we allemaal verschillend reageren. Het kan irriteren, zeker als we thuis meer dan normaal op elkaars lip zitten. Omdat we bijvoorbeeld meer thuis werken, omdat de (klein)kinderen de hele dag rondlopen en zich vervelen, omdat we eigenlijk hopen dat iemand langs komt maar die ander durft het toch niet aan, omdat iemand in de winkel toch wel erg dicht bij je komt staan, omdat…

Mild

Welke houding neem je dan aan en wat reken je anderen dan aan? Toch wel een belangrijke vraag in deze dagen. Nu kan je niemand opdragen om een ander vergeving te schenken. Maar Jezus roept in het evangelie Petrus, en dus ook ons, op om mild met elkaar om te gaan. Ook voor Jezus zal die levenshouding niet gemakkelijk geweest zijn. Want Hij zegt die woorden terwijl hij zelf net op weg gaat naar Jeruzalem, zijn eigen dood tegemoet.

Ook dat zal spanning bij Hem opgeroepen hebben, denk ik zo. Vergeving: niet 7 keer, al is dat al heel vaak, maar 70 maal 7 keer. Oneindig vergeven, zegt Jezus er eigenlijk mee.
‘Hoe vaak moet ik mijn broeder of zuster vergeving schenken?’ In een onzekere situatie, waarvan we nog totaal niet weten wat ons nog te wachten staat, is het zeker een vraag om nog eens goed bij stil te staan!

Gebed

God van liefde,
wereldwijd worden we getroffen door het rondgaan van het Corona-virus.
Dat brengt veel onzekerheid en spanning met zich mee.
Schenk ons de kracht en de moed om, ondanks alles,
open te blijven staan voor anderen.
Om mild te zijn naar elkaar,
om elkaar vergeving te schenken waar we tekort schieten,
om elkaar niet te laten vallen.
Dat wij betrokken blijven op elkaar.

Geef ons daartoe een hart van vergeving en mildheid,
zoals Jezus het ons heeft voorgeleefd.
Dat bidden wij U in verbondenheid met diezelfde Jezus,
die is uw Zoon en onze Heer.

Amen

Wim Vroom